In een auto reis je het veiligst in de zetels. Een rolstoelgebruiker stapt daarom best over van de rolstoel naar de autozetel. De rolstoel wordt dan als bagage meegenomen. Als de rolstoelgebruiker de overstap naar de autostoel niet kan maken, dan kan hij alsnog veilig vervoerd worden in zijn rolstoel indien de rolstoel en het vastzetsysteem aan de nodige veiligheidsvoorwaarden voldoen.
Een rolstoel wordt als veilig vervoerbaar beschouwd als hij voldoet aan de eisen uit de norm ISO 7176-19. De rolstoel heeft dan een crashtest doorstaan en is sterk genoeg om tijdens de rit én bij een ongeval de passagier op zijn plaats te houden. De fabrikant kan door middel van een technisch dossier of een testrapport van een geaccrediteerd testinstituut aangeven of de rolstoel aan de norm voldoet. Als een rolstoel voldoet aan de norm, moet dit vermeld worden op het frame van de rolstoel en in de handleiding.
Als een auto een botsing maakt, schieten alle losse voorwerpen in de auto naar voren. Alles dat vast staat, trekt met een grote kracht aan gordels en vastzetpunten. De ISO 7176-19-norm verplicht o.a. een crashtest die een frontale botsing bij 48 km per uur simuleert. Er ontstaan dan trekkrachten die 20 keer groter zijn dan het gewicht van het voorwerp dat tegengehouden wordt. Een persoon van 75 kg in een rolstoel van 50 kg trekt dan met 2500 kg aan het vastzetsysteem (75 kg + 50 kg = 125 kg x 20 = 2500 kg). Ongeschikt materiaal begeeft het op zo’n moment. De passagier kan daardoor ernstig gewond geraken.
Een rolstoel met ISO 7176-19 en een vastzetsysteem met ISO 10542 kunnen een frontale botsing bij 48 km per uur aan en zijn dus veilig.
Let op: De uitvoering van het product mag niet gewijzigd worden t.o.v. die in de testsituatie.
De meeste rolstoelen worden in basisuitvoering getest. Wijkt men af van de geteste versie, door o.a. toevoeging van accessoires, dan mag de rolstoel niet meer gebruikt worden als zitplaats in de auto. Indien de rolstoel goedgekeurd is in een andere uitvoering dan de basisversie, dan wordt dit expliciet vermeld
Een vastzetsysteem bestaat uit vloerpunten en spanbanden of klemmen waarmee de rolstoel wordt vastgezet én een veiligheidsgordel voor de rolstoelgebruiker. Een veilig vastzetsysteem heeft een crashtest doorstaan en voldoet aan de norm ISO 10542. Als het vastzetsysteem aan de norm voldoet, moet elk vastzetpunt aangeduid zijn met een symbool en moet dit vermeld zijn in de brochure of de handleiding.
Ook voor personen die zich zittend in een rolstoel in de auto verplaatsen, blijft de gordelplicht gelden. Dit wil zeggen dat iedereen zich moet vastmaken met de voorziene veiligheidsgordels. Gordelsystemen die alleen bevestigd zijn aan de rolstoel of aan de rugleuning van een autozetel, mogen enkel gebruikt worden om de houding van de inzittende in de rolstoel of autozetel te handhaven. Deze gordelsystemen vervangen de veiligheidsgordels in de wagen niet.
Sommige rolstoelen kunnen met een vastzetsysteem eenvoudig vastgezet worden, maar hebben geen crashtest doorstaan. Het is dus onzeker of deze rolstoelen bij een ongeval voldoende veiligheid bieden. Deze rolstoelen worden ‘vastzetbaar’ genoemd.
Sommige rolstoelen kunnen zelfs niet vastgezet worden omdat vastzetpunten ontbreken. Het kan ook zijn dat het frame of de verbinding van de zitting te slap is om een persoon tijdens het vervoer veilig op zijn plaats te houden. Deze rolstoelen zijn ‘niet-vastzetbaar’ en mogen enkel als bagage mee, de rolstoelgebruiker moet overstappen naar een autozetel. Het merendeel van de scooters, de sportrolstoelen en de rolstoelen met een apart rij/zitgedeelte is niet-vastzetbaar.

Niet veilig vervoerbare rolstoelen
Orthopedische zitschalen op een onderstel zijn momenteel op geen enkele manier aangepast om in een auto vervoerd te worden. Deze zitschalen vallen onder de orthopedische hulpmiddelen en niet onder de mobiliteitshulpmiddelen. Deze zitschalen worden in het algemeen niet getest op hun stevigheid in een crashtest en voldoen waarschijnlijk niet aan de eisen die aan een veilig vervoerbare rolstoel gesteld worden. De verbinding tussen het onderstel en de zitschaal is meestal niet stevig genoeg. Zelfs bij beperkte snelheden is het hulpmiddel niet veilig.
In Vlibank wordt, als de handelaar dit zo aangeeft in de brochure, door het trefwoord ‘voldoet aan ISO 7176-19 (veilig vervoer in motorvoertuigen)’ aangegeven of een rolstoel voldoet aan ISO 7176-19.